Interview met Hester Assen

Dit is de eerste van een reeks interviews met (kandidaat)raadsleden.

Hester Assen is de tweede op de kandidatenlijst van de Utrechtse Partij van de Arbeid. Geboren en getogen Zuilenaar en een bekend gezicht in de wijk door haar bijdragen aan U in de Wijk Zuilen.

Omdat wij, als Zuilenaren, toch meer moeten weten over onze raadsleden, en al helemaal als het wijkgenoten zijn, heb ik Hester Assen het één en ander gevraagd.

Wat doe je in het dagelijks leven?

Ik werk bij het Landelijk bureau van de PvdA. Momenteel staat dat een beetje op een laag pitje, want ik heb zorgverlof omdat mijn moeder ernstig ziek is.

Heeft dat werk invloed op je werk in Utrecht?

Eigenlijk niet. Behalve dan dat ik natuurlijk in het dagelijks leven ook in een politieke omgeving werk en dat helpt wel. Je snapt misschien beter hoe de politieke hazen lopen dan als je iets heel anders doet. Maar landelijk beleid is toch heel anders dan lokaal beleid.

Hoe kom je daar eigenlijk terecht?

Ik ben van jongs af aan al geïnteresseerd in politiek. Maar na mijn middelbare school ben ik media- en entertainmentmanagement gaan studeren omdat ik dacht dat een studie politicologie saai was. Uiteindelijk ben ik die studie toch gaan doen. En toen bleek ik dat helemaal niet saai te vinden, maar juist vreselijk boeiend. Het voelde als thuiskomen.

Was je altijd al betrokken bij de PvdA?

Nee hoor. Ik stemde al zwevend van Groen Links via de SP naar de PvdA en weer terug. Maar uiteindelijk kan ik me toch het allerbeste vinden in de standpunten van de PvdA. Dus daar ben ik actief geworden.

Wat vind jij belangrijk in een stad als Utrecht?

De vraag is eigenlijk: wat voor stad wil je zijn. Ik vind het allerbelangrijkste dat de stad voor iedereen is. Voor jong, oud, arm, rijk, nieuwkomer of geboren Utrechter. Dat iedereen er zijn plek kan vinden en zich thuis kan voelen.

Dat is nogal algemeen, en er zal geen partij zijn die dat niet met je eens is.

Dat denk ik ook. Maar het gaat erom op welke manier je dat bereikt. Ik vind economische groei belangrijk. Maar dat betekent niet dat we Utrecht moeten volproppen met prestigeprojecten die uitsluitend zijn gericht op economische groei en voorbij gaan aan de behoefte van de bewoners zelf. De bewoners moeten zich kunnen blijven herkennen in hun eigen wijk. Als je economische groei nastreeft, dan moet de opbrengst daarvan wel bij de bewoners terecht komen.

Noem eens een voorbeeld?

Ik heb er twee. De Vuelta is leuk, maar kost 4,4 miljoen. Het lijkt erop dat we na de Giro d’Italia en de Tour de France vinden dat het rijtje nog niet compleet is. Ik zag die 4,4 miljoen liever besteed aan iets anders, waar onze bewoners die dat het hardst nodig hebben direct baat bij hebben. Geef bijvoorbeeld aan mensen die vrijwilligerswerk doen een vrijwilligersbijdrage, waardoor deze mensen zich beter gewaardeerd voelen en wat daardoor indirect heel veel mooie projecten in stand houdt.

Het andere is het Daalsepark. Dat kleine stukje groen dat de bewoners daar na aan het hart ligt en wat het enige stukje echt groen is in die omgeving. Dat moet zo blijven. Daar moet niet gebouwd worden. Noord West is de minst groene wijk van heel Utrecht. Er moet geleefd kunnen worden in een wijk. En daar hoort groen bij.

En wat vind je dan van alle nieuwbouw in Zuilen, bijvoorbeeld in Zuilen Noord?

Het gaat goed met Zuilen ten opzichte van 15 jaar geleden. Door de nieuwbouw en renovatie komen er steeds meer jonge mensen wonen die het vroeger niet in hun hoofd haalden om naar Zuilen te komen. Zuilen had een slechte naam, daar had ik last van. Dat nu ook andere mensen onze wijk weten te vinden én waarderen is goed voor onze wijk. Maar de identiteit van Zuilen moet wel behouden worden, want het is een heel oude volkswijk met een heel eigen karakter.

Dus we hebben niks te klagen?

Klagen staat vrij. Maar wat ik soms jammer vind is bijvoorbeeld de manier van bouwen. Er worden blokken huizen neergezet die naar binnen gericht zijn, zoals hier op de Norbruislaan. Het lijken ‘gated communities’. Een groot front aan de buitenkant met toegangshekken en -poorten. En dan ook nog eens met forse huurprijzen; voor veel mensen onbetaalbaar. Dat past hier niet. Eigenlijk nergens, want een wijk is pas leefbaar als mensen contact met elkaar hebben. Deze manier van bouwen bevordert dat niet. Je rijdt ’s ochtend je poort uit en er ’s avonds weer in. Je beleeft de straat niet en de straat beleeft jou niet.

Kan jij daar wat aan doen als je in de raad zit?

De gemeente kan wel degelijk eisen stellen aan de bouw door projectontwikkelaars. Dan ben ik weer terug bij de vraag: wat voor stad wil je zijn?

Vind jij Utrecht een elitaire yuppenstad dan?

Nee, zeker niet, gelukkig niet. En dat moeten we zeker niet worden. Het is niet aardig om te zeggen, maar de ontwikkelingen in Amsterdam, met de Airbnb’s en dat er dus geen betaalbaar huis meer te vinden is voor de oorspronkelijke bewoners, plus het feit dat de hele binnenstad gericht is op toeristen en er geen groenteboer meer te vinden is, geeft ons de gelegenheid om te kijken hoe het nu juist niet moet. Ik vergelijk Utrecht liever niet met Amsterdam, want dat is een heel andere (ook mooie) stad, maar we kunnen echt lering trekken van wat daar mis is gegaan.

Jij bent een echte Zuilenaar. Wat vind jij fantastisch aan Zuilen?

Het wijkgevoel. Zuilen is daar heel bijzonder in. Ik ben misschien een chauvinist, maar ik hou van mijn stad en ik hou van mijn wijk, ik ben er trots op. Ik was er altijd al trots op. Ook toen Zuilen nog een slechte naam had. Mijn school (de Ludgerschool), mijn kerk (toen ik er nog heen ging), mijn scouting. Al die dingen. Welke wijk heeft er nou een eigen gemeentehuis? Fantastisch. De mensen kennen elkaar hier.

En wat vind je niet zo fantastisch aan Zuilen?

Dat er heel veel mensen ontevreden of onzeker zijn. En dat er daarom heel veel mensen op de PVV stemmen. Wat weer tot meer teleurstelling kan leiden. Armoede, werkloosheid, het gevoel achtergesteld te worden is een probleem wat algemeen is, maar nog behoorlijk aanwezig in Zuilen. Zoals wel in meer oude volkswijken. En daar moeten we wat aan doen.

Zou jij wel wethouder willen zijn?

Ja ! Dit is mijn stad en mijn thuis. Maar nu niet. Eerst een goed raadslid worden. De PvdA moet weer sterk worden na het verlies vorig jaar. Maar zeker wil ik ooit wel wethouder zijn. Dan kun je nog meer invloed uitoefenen op je eigen omgeving en die van anderen. De stad nog mooier maken en zorgen dat iedereen er thuis kan zijn, nu en in de toekomst Dat is toch een mooie wens om waar te maken?

Terug naar overzicht