Zuilen van zelfstandige gemeente tot stadswijk, Deel 240

Zuilen eert zijn gevallenen Deel 8

Naar aanleiding van de tentoonstelling Zuilen in de Tweede Wereldoorlog, die 4 mei jongstleden door burgemeester J. van Zanen geopend werd, schrijf ik gedurende deze tentoonstelling over Zuilense slachtoffers van die oorlog.

Onder het kopje 'Onderduiken' vandaag het verhaal van: A. Froom

Er zijn zeer veel slachtoffers onder die Nederlanders, die hetzij uit humanitaire, hetzij uit godsdienstige overwegingen, zich met hand en tand verzetten tegen de deportatie van onze Nederlandse arbeiders naar Duitsland.

In Nederland waren vele organisaties werkzaam, die zich met de verzorging van de zogenaamde onderduikers bezighielden. Wanneer men er lucht van kreeg, dat een bepaalde arbeider van plan was naar Duitsland te vertrekken om daar het oorlogspotentieel te versterken, dan verzond men aan de toekomstige „arbeidsslaaf” een circulaire, waarin op duidelijke wijze werd medegedeeld, dat zijn houding fout en op principiële gronden af te keuren was.

Desniettegenstaande zijn er duizenden Nederlandse arbeiders, al of niet gedwongen, in de bezettingsjaren naar Duitsland vertrokken. Velen van hen kwamen om het leven bij bombardementen, die vooral aan het einde van 1944 en in 1945 boven Duitsland losbarsten.

Ook A. Froom weigerde uit principiële overwegingen tewerkgesteld te worden. Daarom besloot hij evenals andere goede Nederlanders onder te duiken. Tijdens zijn duikperiode vertoefde hij op zekere dag in Utrecht.

Er werd juist luchtalarm gegeven, waardoor niemand meer op straat kon komen, zonder de aandacht van de politie op zich te vestigen. Terwijl hij op straat liep, werd hij door een politieagent aangehouden. Deze nam zijn persoonsbewijs in beslag en deelde hem mede, dat hij dit de volgende dag op het hoofdbureau van politie terug kon halen.

Hoewel van verschillende zijden gewaarschuwd om dit niet te doen, ging hij toch en werd op 10 oktober 1943 op het bureau gearresteerd. Aan zijn besluit om niet voor de Duitsers te werken, bleef hij trouw, waarop men hem naar het concentratiekamp Amersfoort overbracht. Hier paste men andere methoden toe om onwillige murw te maken.

Hij werd daartoe enkele malen „verhoord” op de beruchte kamer 14 en tenslotte stemde hij toe. Met talrijke andere gevangenen werd hij naar het vliegveld Soesterberg overgebracht, teneinde aldaar te helpen met de bouw van schuilkelders. Op 8 maart 1944, de tweede dag dat hij hier werkte, werd het vliegveld ’s middags omstreeks 5 uur door de geallieerde bommenwerpers aangevallen.

Gewoonlijk waren de gevangenen om deze tijd al op weg naar het kamp, maar juist die dag wilde het noodlot het anders. Alvorens naar het kamp te rijden ging men eerst nog naar een kazerne aan de rand van het vliegveld, om daar nog enkele mensen af te halen.

Op het moment dat de auto voor de kazerne stond, werd het gebouw aangevallen en werd ook de auto door mitrailleurkogels getroffen met het noodlottig gevolg, dat er van de 51 inzittenden 17 om het leven kwamen, onder wie ook A. Froom.

In A. Froom willen wij in Zuilen diegenen eren, die uit principe weigerden in Duitsland te werken. Zij beseften ten volle het risico dat zij liepen, maar zij namen dat risico, omdat zij het vertikten hand- en spandiensten te verrichten voor de doodsvijanden van het Nederlandse volk.

Fotobijschrift: A. Froom Geboren: 27 mei 1923 overleden: 8 maart 1944.

Terug naar overzicht